Website over de 23 grondrechten in de Grondwet

Nieuws

Volgens College Rechten van de Mens staat demonstratierecht onder druk

Naar aanleiding van de arrestatie van organisatoren voorafgaand aan een demonstratie stelt het College voor de Rechten van de Mens dat het demonstratierecht onder druk staat.

De klimaatactivisten van de beweging Extinction Rebellion werden gearresteerd toen ze opriepen tot een blokkade van de A12 op 28 januari. Zij werden verdacht van opruiing en kregen een gebiedsverbod opgelegd. In de ogen van het College voor de Rechten van de Mens is de inzet van strafrechtelijke instrumenten om een demonstratie te verhinderen ‘een extreem zwaar middel dat niet gemakkelijk te rechtvaardigen valt’.

Het recht om te demonstreren ligt vast in art. 9 Gw en in internationale verdragen als het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het artikel zegt dat de overheid in beginsel niet mag ingrijpen bij demonstraties en alleen om de volksgezondheid te beschermen, ernstige wanordelijkheden te voorkomen en vanwege gevaarlijke verkeerssituaties een demonstratie mag verbieden. Het college zegt erover:
De vraag of de overheid een demonstratie mag beperken of verbieden hangt altijd af van de specifieke omstandigheden. Een zekere mate van hinder en overlast hoort bij een demonstratie.

In het NRC van 31 januari 2023 voegde vicevoorzitter Jan-Peter Loof van het college eraan toe:
Het punt is: de overheid gaat niet over waar en hoe je demonstreert. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft bovendien al eens geoordeeld dat ook aan een tijdelijke wegblokkade de vrijheid van demonstratie moet worden toegekend. Het eerste uitgangspunt moet zijn: hoe maken we dit mogelijk? Ook als een demonstratie even tot een verstoring van de orde of de veiligheid kan leiden.

Het College voor de Rechten van de Mens stelt in zijn reactie op de blokkade van de A12 dat de overheid in zo’n geval altijd had moeten kiezen voor de minst ingrijpende maatregel die ze tot haar beschikking heeft. Ook moet de overheid afwegen of zo’n verbod echt noodzakelijk is om een doel als het voorkomen van verkeersonveilige situaties te bereiken.
De inzet van strafrechtelijke middelen vooraf tegen organisatoren van demonstraties zou volgens het college anderen ervan kunnen weerhouden worden van hun recht op demonstratie gebruik te maken. Achteraf vervolgen kan uiteraard wel als deelnemers zich schuldig hebben gemaakt aan strafbare feiten.

Uitgelicht

Rechter als schuldige

In februari zette de rechter een streep door een inreisverbod voor drie conservatieve islamitische predikers dat de ministers Faber en Van Weel hadden uitgevaardigd. Minister Faber noemde de uitspraak van de rechter  'een zwarte dag’, Van Weel had het over 'een teleurstellende uitkomst'. De rechter werd in de socials zwaar onder vuur genomen.

Voorzitter Marc Flierstra van de Vereniging voor Rechtspraak hekelde in Trouw van 25 februari 2025 de reactie van beide ministers: ‘Door dit soort uitspraken denken mensen dat het door deze rechter komt dat de haatpredikers Nederland in mochten. De ministers zijn zo medeschuldig aan het creëren van een klimaat waarbij deze rechter als schuldige wordt gezien. Het probleem lag bij het besluit van de ministers. Die hebben hun huiswerk niet goed gedaan. Als je dat nalaat, moet je vervolgens niet verbaasd zijn als een rechter gewoon zijn werk doet en oordeelt: Zo kan het niet. (06.04.2025)

Bekijk oude afleveringen Uitgelicht

Nieuw verschenen

 Schimmelpeninck

Hans Verbeek

De vergeten minister-president

Hans Verbeek beschrijft het leven van Gerrit Schimmelpenninck (1794-1863), de eerste minister-president van Nederland. Deze was in 1848 de grote tegenstander van Thorbecke bij het tot stand komen van de nieuwe grondwet. Verbeek wil in zijn boek het beeld nuanceren van de progressieve liberaal Thorbecke tegenover een conservatieve graaf Schimmelpenninck die niets van grondwetswijzigingen wilde weten.
Aan de hand van een reconstructie van de gebeurtenissen in 1848 beschrijft Verbeek de opkomst en ondergang van deze markante man. Schimmelpenninck had een verleden als directeur van de Nederlandsche Handelmaatschappij en diplomaat in Londen en Sint-Petersburg. Ook speelde hij ook een belangrijke rol bij de troonsopvolging van Willem II. (20.04.2026)

ISBN 9789044660586, Prometheus Amsterdam, 2026

Lees meer over nieuwe boeken!

 

Knipoog

Het voorkomen van het kwaad

Bij de behandeling van de asielwetten in de Eerste Kamer in april 2026 kwam ook de functie van de Eerste Kamer weer eens uitgebreid aan de orde. Een discussie die al in 1848 ontstond toen de liberale coryfeeën Johan Rudolph Thorbecke en Dirk Donker Curtius het volkomen oneens bleken over de toekomst van de Eerste Kamer.

Bij zijn pogingen om de Nederlandse staatsinrichting te hervormen was Thorbecke in 1848 stellig van plan om de Eerste Kamer op te heffen. Hij noemde deze ‘zonder grond en doel’.
Dat dat niet lukte, moet op het conto van minister Donker Curtius worden geschreven. In zijn biografie De man van 1848 over Dirk Donker Curtius schrijft Mathijs van de Waardt over deze kwestie (pag. 246):

Donker zocht in de Eerste Kamer een instelling voor 'bedaarde overweging'. De Eerste Kamer was 'een waarborg tegen overijling, eene beperking van hartstogten in onrustige tijden, een bolwerk voor de troon' en daarnaast 'een krachtigen steun der wet'.
Dat de Kamer zelf niet veel bewerkstelligde, maar een waarborg was, was voor Donker evident. Hij benadrukte nog eens ‘dat in het algemeen het nut eener Eerste Kamer, hoe ook zamengesteld, meer gelegen is in het voorkomen van het kwaad dan in het stichten van het goede.
(20.04.2026)

Bekijk oude afleveringen Knipoog