Website over de 23 grondrechten in de Grondwet

Nieuws

Eerste en Tweede Kamer akkoord met coronawet

Na een akkoord over een aantal knelpunten tussen coalitie en oppositie zijn Tweede en Eerste Kamer akkoord gegaan met de Tijdelijke wet maatregelen covid-19.

De coronawet lijkt in tal van opzichten niet meer op het wetsvoorstel dat in mei bekend werd. Dit voorstel kreeg veel kritiek, niet alleen vanuit de Kamer, maar ook van de Raad van State, de VNG en tal van juristen. Veel kritiek was er met name op het feit dat er sprake was van een looptijd van een jaar en de uitgebreide bevoegdheden die de wet de ministers gaf.

Veelgehoorde kritiek was dat de nieuwe wet op gespannen voet zou staan met de Grondwet: de vrijheid van vereniging contra het beperken van de groepsgrootte, de vrijheid van demonstratie contra de anderhalve meter, het huisrecht contra het handhaven achter de voordeur.
Kathalijne Buitenweg van GroenLinks zei erover in het Kamerdebat van 7 oktober:
In een democratische samenleving zijn sommige mensenrechten absoluut, zoals het recht om niet gemarteld te worden, maar aan de meeste mensenrechten kunnen voorwaarden worden gesteld.

Voor het debat sloten de oppositiepartijen PvdA, GroenLinks, SGP en 50plus een akkoord met de coalitie. De oppositiepartijen bleken bereid om met de coronawet in te stemmen als er aan een aantal wensen voldaan werd.

Belangrijke nieuwe elementen

  • De coronawet geldt niet voor een jaar of zes maanden, zoals aanvankelijk het plan was, maar slechts voor drie maanden. Het parlement moet instemmen met elke verlenging van nog eens drie maanden. Ook moet de Raad van State steeds een advies geven.
  • Nieuwe coronaregels moeten een week voor ze ingaan naar het parlement worden gestuurd en de Tweede Kamer moet er vooraf mee instemmen. Gaat het om noodsituaties die niet kunnen wachten, dan moet de Tweede Kamer na afloop binnen een week alsnog instemmen met de maatregel. Als de Kamer tegen is, komt de maatregel te vervallen.
  • Er komt geen handhaving achter de voordeur. Het huisrecht in art. 12 Gw wordt expliciet beschermd in de coronawet.
  • Gemeentes krijgen meer ruimte voor een eigen beleid. Het kabinet kan hen de bevoegdheid geven om zelf plekken aan te wijzen waar bepaalde maatregelen wel of niet gelden. Gemeentes mogen overigens zelf geen eigen maatregelen maken. Gemeenteraden krijgen zeggenschap, ook over het beleid van de veiligheidsregio’s.
  • De hoogte van de boetes wordt beperkt tot een bedrag van 95 euro. Overtreders van de coronaregels krijgen geen strafblad.
  • In grote lijnen beschrijft de wet het coronabeleid dat we kennen van de afgelopen maanden, inclusief het gebruik van beschermingsmiddelen. De wet is zo geformuleerd dat er geen mogelijkheden zijn voor coronamaatregelen die niet in de wet zijn voorzien.

De Tijdelijke wet maatregelen covid-19 is op 13 oktober met een ruime meerderheid door de Tweede Kamer aangenomen. De Eerste Kamer heeft de wet op 26 oktober behandeld. Net als twee weken eerder in de Tweede Kamer.bleek een ruime meerderheid in de Eerste Kamer is voor de wet. Hiermee kwam een eind aan zeven maanden noodverordeningen.

Zie tekst Tijdelijke wet maatregelen covid-19

 

EERDERE BERICHTGEVING OVER CORONA EN GRONDRECHTEN

 

Uitgelicht

Rechter als schuldige

In februari zette de rechter een streep door een inreisverbod voor drie conservatieve islamitische predikers dat de ministers Faber en Van Weel hadden uitgevaardigd. Minister Faber noemde de uitspraak van de rechter  'een zwarte dag’, Van Weel had het over 'een teleurstellende uitkomst'. De rechter werd in de socials zwaar onder vuur genomen.

Voorzitter Marc Flierstra van de Vereniging voor Rechtspraak hekelde in Trouw van 25 februari 2025 de reactie van beide ministers: ‘Door dit soort uitspraken denken mensen dat het door deze rechter komt dat de haatpredikers Nederland in mochten. De ministers zijn zo medeschuldig aan het creëren van een klimaat waarbij deze rechter als schuldige wordt gezien. Het probleem lag bij het besluit van de ministers. Die hebben hun huiswerk niet goed gedaan. Als je dat nalaat, moet je vervolgens niet verbaasd zijn als een rechter gewoon zijn werk doet en oordeelt: Zo kan het niet. (06.04.2025)

Bekijk oude afleveringen Uitgelicht

Nieuw verschenen

 Schimmelpeninck

Hans Verbeek

De vergeten minister-president

Hans Verbeek beschrijft het leven van Gerrit Schimmelpenninck (1794-1863), de eerste minister-president van Nederland. Deze was in 1848 de grote tegenstander van Thorbecke bij het tot stand komen van de nieuwe grondwet. Verbeek wil in zijn boek het beeld nuanceren van de progressieve liberaal Thorbecke tegenover een conservatieve graaf Schimmelpenninck die niets van grondwetswijzigingen wilde weten.
Aan de hand van een reconstructie van de gebeurtenissen in 1848 beschrijft Verbeek de opkomst en ondergang van deze markante man. Schimmelpenninck had een verleden als directeur van de Nederlandsche Handelmaatschappij en diplomaat in Londen en Sint-Petersburg. Ook speelde hij ook een belangrijke rol bij de troonsopvolging van Willem II. (20.04.2026)

ISBN 9789044660586, Prometheus Amsterdam, 2026

Lees meer over nieuwe boeken!

 

Knipoog

Het voorkomen van het kwaad

Bij de behandeling van de asielwetten in de Eerste Kamer in april 2026 kwam ook de functie van de Eerste Kamer weer eens uitgebreid aan de orde. Een discussie die al in 1848 ontstond toen de liberale coryfeeën Johan Rudolph Thorbecke en Dirk Donker Curtius het volkomen oneens bleken over de toekomst van de Eerste Kamer.

Bij zijn pogingen om de Nederlandse staatsinrichting te hervormen was Thorbecke in 1848 stellig van plan om de Eerste Kamer op te heffen. Hij noemde deze ‘zonder grond en doel’.
Dat dat niet lukte, moet op het conto van minister Donker Curtius worden geschreven. In zijn biografie De man van 1848 over Dirk Donker Curtius schrijft Mathijs van de Waardt over deze kwestie (pag. 246):

Donker zocht in de Eerste Kamer een instelling voor 'bedaarde overweging'. De Eerste Kamer was 'een waarborg tegen overijling, eene beperking van hartstogten in onrustige tijden, een bolwerk voor de troon' en daarnaast 'een krachtigen steun der wet'.
Dat de Kamer zelf niet veel bewerkstelligde, maar een waarborg was, was voor Donker evident. Hij benadrukte nog eens ‘dat in het algemeen het nut eener Eerste Kamer, hoe ook zamengesteld, meer gelegen is in het voorkomen van het kwaad dan in het stichten van het goede.
(20.04.2026)

Bekijk oude afleveringen Knipoog